[Grappig was wel dat ik na het gelezen te hebben hoorde dat de vader van een goede vriend van mij, in Hermans' tijd eveneens hoogleraar in Groningen, ook in het boek voorkomt, maar gelukkig niet op een vervelende wijze.]
Hier nog even op terugkomend, in het nawoord waarschuwt prof. dr. Zomerplaag tegen het lezen van
Onder professoren als sleutelroman: 'Zelfs zou men zich deerlijk vergissen door te denken dat de dorpsuniversiteit waar de geschiedenis speelt, geen andere dan die te Groningen zou zijn. Ik weet dat deze mededeling door menigeen met wantrouwen zal worden ontvangen, gezien het feit dat Hermans zelf immers jarenlang te Groningen heeft verbleven. Waarom, zal men zich afvragen, zou iemand die aan een bepaalde bestaande universiteit het een en ander heeft meegemaakt een roman schrijven over een
denkbeeldige universiteit? Welk een overbodige inspanning van de verbeeldingskracht! Toch niet. (...) En, alle andere aspecten daargelaten, geldt mischien hetzelfde voor de gehele Rijksuniversiteit te Groningen en is dat de reden waarom dit boek over
denkbeeldige professoren en een
denkbeeldige universiteit gaat.' Maar ook: 'Om eens iets te noemen: het boek werd (in klad) geheel geschreven op de blanco achterzijden van gestencilde universitaire mededelingen (...) Dit is het Bestuur van de Rijksuniversiteit te Groningen niet ontgaan en onmiddellijk na Hermans' vertrek heeft het een verordening uitgevaardigd dat het papier voortaan
aan beide zijden moet worden bestencild.'
Bron: W.F. Hermans,
Onder professoren, Amsterdam: De Bezige Bij 1975, p. 424-425.